Dhr. Frans Scheepens heeft in 1986 een boekje over Utrechtse hoveniersgeslachten uitgegeven. Dit boekje toont o.a. de stambomen van de meeste Utrechtse hoveniersgeslachten: Agterberg, Attevelt, Baars, Bakker, van Benthem (Bentum), van Beusekom, vd Bilt, Bouhuyse, de Bruyn, van Dam, Deuvelingen, van Deyl, van Dort, Elsendoorn, van Epen (Eperen), van Eijk, Fonville, Gresnigt, Groeneveld, de Groot, Hardenberg, de Jong, Jongerius, Kersten, Kinnegim (Kinneging), Knippers, Koot (v. Koten), van Kraay, Kragten (Kragting), de Kruyf, Kuyper, van de Linden, van Maarschalkerweert, van Maarsseveen, van Maurik, van Miltenburg, Mollevanger alias Woudenberg, Nieuwenhuysen, van Nooy, van Oort, van Oostveen, Otto (Otten), Peerboom, Pot, de Ridder, Rietvelt, de Rooy, van Rossum, de Rijk, Schouten, Snoek, van Soestbergen, van de Steen, van Steenre (Steenderen), van Straalen, Verheul, Verwey, van Vloten, van Vredendaal, de Vreede, de Waal, Wintershoven, de Wit, van der Wurf(f), de Wijs, van Zijl.
Dit boek is te raadplegen in Het Utrechts Archief, Het Bureau voor Genealogie in Den Haag en het Genealogisch Centrum van de Nederlandse Genealogische Vereniging in Weesp.